De hoge Raad komt met coronahuurrechtraad

Juridisch nieuws
Door: 

Ivette is samen met Nathalie Amiel (Houthoff) auteur voor de rubriek ‘huurrecht’ van mr-online. Bent u geïnteresseerd in hun bijdrage? Mr. website voor juristen.

Hoewel er de afgelopen weken diverse interessante uitspraken zijn gewezen (ook los van corona), was de keuze voor deze signalering snel gemaakt. Er ligt namelijk duidelijkheid over corona en huur in het verschiet, nu de rechtbank Limburg prejudiciële coronavragen neerlegde bij de Hoge Raad.

De rechtbank stelde de Hoge Raad eind maart de volgende vragen:

  1. Dient de als gevolg van de coronacrisis van overheidswege opgelegde sluiting van de horeca beschouwd te worden als een gebrek in de zin van art. 7:204 lid 2 BW?
  2. Zo ja, aan de hand van welke criteria moet dan de mate van huurprijsvermindering worden beoordeeld?
  3. (Of) vormt de beperking in het gebruik van het gehuurde een onvoorziene omstandigheid die tot huurprijsvermindering kan leiden?
  4. Zo ja, welke omstandigheden van het geval wegen mee bij het bepalen of verdelen van de schade?

Aanleiding voor het stellen van deze vragen was een bodemprocedure die een verhuurder van een horecalocatie aanhangig maakte tegen (hoofd)huurder Heineken. Heineken had de verhuurder verzocht een financiële bijdrage (van één maand huur) te leveren aan de coronahuurkorting (van twee maanden) die Heineken haar onderhuurder had gegund. Bij instemming zou Heineken over een periode van zes maanden een verlaagde huurprijs betalen.  Verhuurder stemde niet in. Toch ging Heineken over tot betaling van de voorgestelde verlaagde huurprijs. Klik hier om het hele artikel te lezen op de website van Mr. Online.