De Nederlandse Arbeidsinspectie op bezoek (deel 2): bevoegdheden

Juridisch nieuws

De Nederlandse Arbeidsinspectie (voorheen: ‘Inspectie SZW’) controleert of werkgevers en werknemers zich houden aan de verschillende wetten, besluiten en regelingen op het terrein van arbeid. De Nederlandse Arbeidsinspectie kan reageren op meldingen, maar voert ook op regelmatige basis (onaangekondigd) inspectiebezoeken uit. Deze blogreeks kan behulpzaam zijn bij (de voorbereiding van) zo’n inspectiebezoek. In deze tweede blog ga ik in op de bevoegdheden van de Nederlandse Arbeidsinspectie.

De Nederlandse Arbeidsinspectie

De Nederlandse Arbeidsinspectie is de toezichthouder op het terrein van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Zij controleert of werkgevers en werknemers zich houden aan wet- en regelgeving op het terrein van arbeid.

Bevoegdheden

De bevoegdheden van de Nederlandse Arbeidsinspectie staan in hoofdstuk 5 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Voor wat betreft het toezicht op naleving van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav) zijn nadere bevoegdheden opgenomen in artikelen 17 en 17a Wav. Hieronder beantwoord ik enkele vragen over deze bevoegdheden.

Wanneer mag de Nederlandse Arbeidsinspectie gebruikmaken van haar bevoegdheden?

Een toezichthouder mag niet te pas en te onpas gebruikmaken van haar bevoegdheden. Een toezichthouder mag slechts van haar bevoegdheden gebruikmaken voor zover dat voor de vervulling van haar taak nodig is. De uitoefening van die bevoegdheden moet proportioneel en evenredig zijn.

Ben ik verplicht om medewerking te verlenen?

Als de Nederlandse Arbeidsinspectie gebruikmaakt van haar bevoegdheden in de toezichtfase is men verplicht om binnen een gestelde redelijke termijn alle medewerking te verlenen die redelijkerwijs kan worden verzocht (artikel 5:20 Awb). Deze medewerkingsplicht geldt voor de werkgever, maar ook voor andere personen (denk aan medewerkers, waaronder de vreemdeling die al dan niet op basis van een geldige verblijfs- en werkvergunning in het bedrijf werkzaam is).

De medewerkingsplicht is echter niet absoluut en onbegrensd. Zodra de toezichtfase omslaat in opsporing geldt het nemo tenetur-beginsel. Dat is het recht om niet aan de eigen veroordeling mee te werken. Op dát moment mag jij je op je zwijgrecht beroepen.

Hoe weet ik of sprake is van opsporing?

Zodra de toezichtfase is verlaten en de inspectie overgaat tot opsporing zal de toezichthouder een cautie moeten geven (art. 5:10a Awb). Een cautie is de mededeling dat je het recht hebt om te zwijgen. In de rechtspraak is bepaald dat de cautie moet worden gegeven als ‘naar objectieve maatstaven door een redelijk waarnemer kan worden vastgesteld dat de betrokkene wordt verhoord met het oog op het aan hem opleggen van een bestraffende sanctie’.

Ook als de toezichthouder géén cautie geeft, doe je er verstandig aan om zelf na te gaan of naar objectieve maatstaven de kans bestaat dat een bestuurlijke sanctie wordt opgelegd. In dat geval ben je niet langer verplicht inlichtingen omtrent de overtreding te verstrekken. Ook niet, als (nog) geen cautie is gegeven.

De verplichting van de toezichthouder om de werkgever de cautie te geven geldt enkel in mondelinge verhoorsituaties. Er kan geen beroep worden gedaan op het zwijgrecht indien het gaat om beantwoording van schriftelijke vragen van de toezichthouder.

Wat als ten onrechte geen cautie is gegeven?

Als de cautie ten onrechte niet is gegeven betekent dit dat ‘de verklaring van de betrokkene in de regel niet [kan] worden gebruikt als bewijs voor feiten die aan de [bestraffende] sanctie ten grondslag zijn gelegd’.

Is de Nederlandse Arbeidsinspectie bevoegd om het bedrijfspand te betreden?

De Nederlandse Arbeidsinspectie is bevoegd om onaangekondigd inspecties uit te voeren. Ook hoeft de Inspectie geen toestemming te hebben van de werkgever om het bedrijfspand te betreden. De inspecteur kan zich daarbij laten vergezellen door personen die daartoe door hem zijn aangewezen en kan zich zo nodig toegang verschaffen met behulp van de sterke arm (de politie).

Als de Nederlandse Arbeidsinspectie een redelijk vermoeden heeft dat sprake is van illegale tewerkstelling, dan is zij (zelfs) bevoegd om een woning binnen te treden zonder toestemming van de bewoner (art. 17 Wav).

Voor bepaalde inspecties is het van belang dat de werkgever voorbereidingen treft. In die situaties zal de Nederlandse Arbeidsinspectie het bezoek vooraf wel bekendmaken.

Is de Nederlandse Arbeidsinspectie bevoegd om inlichtingen te vorderen?

De Nederlandse Arbeidsinspectie kan inlichtingen, inzage van het identiteitsbewijs en inzage van zakelijke gegevens en bescheiden vorderen en daarvan kopieën te maken. Een toezichthouder is verder bevoegd zaken te onderzoeken, aan opneming te onderwerpen en daarvan monsters te nemen. Hij is bevoegd daartoe verpakkingen te openen. Meestal vraagt de Nederlandse Arbeidsinspectie eerst of je de stukken wilt overhandigen. Doe je dat niet, dan kan de Inspectie de stukken vorderen. De Nederlandse Arbeidsinspectie mag namelijk elk document waarvan zij het bestaan kan vermoeden vorderen. je bent dan verplicht deze te overhandigen. Deze plicht wordt begrenst door het neno-tenetur-beginsel.

Toch is het raadzaam om deze bescheiden niet direct op eerste mondelinge verzoek vrijwillig te overhandigen, maar de Nederlandse Arbeidsinspectie te verzoeken om de inzage schriftelijk te vorderen. Op die wijze kan je controleren welke documenten de Nederlandse Arbeidsinspectie wil inzien, en voorkom je dat de Inspectie de hele administratie ontvangt en doorzoekt, en mogelijk op overtredingen stuit waar je je niet bewust van bent en waar de Nederlandse Arbeidsinspectie ook niet naar op zoek was.

Mag de Nederlandse Arbeidsinspectie mijn medewerkers bevragen?

De Nederlandse Arbeidsinspectie is bevoegd om werknemers te bevragen. Het zwijgrecht komt echter slechts toe aan de bestuurders en niet aan de werknemers, voor zover zij de vragen niet namens de rechtspersoon beantwoorden (aldus deze uitspraak van de Raad van State van 27 juni 2018).

Het voorgaande is anders als ook aan de werknemer zelf een bestraffende sanctie kan worden opgelegd (artikel 5:1 lid 3 Awb). Dit kan het geval zijn indien de werknemer als feitelijk leidinggevende heeft opgetreden bij de overtreding. Denk aan een DTA (Deskundige Toezichthouder Asbestverwijdering) die als feitelijk leidinggevende optreedt. Aan hem/haar moet dan moet de cautie worden verleend.

De Nederlandse Arbeidsinspectie richt zich steeds meer op beboeting van de feitelijk leidinggevenden binnen bedrijven. Dit instrument wordt vooral ingezet in situaties waar sprake is van arbeidsuitbuiting of schijnconstructies. In dergelijke situaties is beboeting van een feitelijk leidinggevende een persoonsgerichte aanpak. Als het gaat om illegale tewerkstelling kan aan een feitelijk leidinggevende een persoonlijke boete worden opgelegd van € 6.000 per vreemdeling. Dat volgt uit de Beleidsregel boeteoplegging Wet arbeid vreemdelingen 2020. Ook als feitelijk leidinggevende is het dus verstandig om niet zomaar een verklaring af te leggen en eerst met een advocaat te overleggen.

Als een medewerker alleen is, kan hij de Nederlandse Arbeidsinspectie wijzen op het geheimhoudingsbeding in zijn arbeidsovereenkomst en mededelen dat de kantoorrichtlijn of het bedrijfsprotocol is dat een dergelijke confrontatie altijd tezamen met een collega en/of voorzien van een advocaat moet geschieden. De inspectie moet dan besluiten of het vorderen van medewerking redelijkerwijs noodzakelijk is voor het uitoefenen van toezicht.

Vragen over arbeidsrecht en/of arbeidsmigratierecht?

Voor vragen over de Nederlandse Arbeidsinspectie kun je met mij contact opnemen (boystenden@lawandpepper.com of 06-27177989). Wil je op de hoogte blijven van al mijn arbeidsrechtelijke- en arbeidsmigratierechtelijke blogs? Volg dan de LinkedIn-pagina van Law&Pepper Advocaten.